Arbocatalogus Afvalbranche

Dé arbostandaard voor alle bedrijven in de afvalsector!

veiligheid

Overeenstemming tussen werknemers en werkgevers

Werken in een reinigingstrommel voor teerasfalt

Printvriendelijke versieAls e-mail versturenPDF document
Beschrijving van het risico 

Bij de activiteit Bewerken van gevaarlijk afval wordt onderhoud gedaan aan de thermische reiniging voor het verwerken van teerhoudend asfalt. Daarbij is voor onderhoud soms betreding van de trommel noodzakelijk. Omdat de thermische reinigingstrommel een besloten ruimte is, dienen voorafgaand aan het uitvoeren van de beoogde handelingen de noodzakelijke voorzorgs- en beschermingsmaatregelen te worden genomen.

Wet en regelgeving 
Meer informatie 
Goedgekeurd door Inspectie SZW

Hogedrukwaterreiniging

Printvriendelijke versieAls e-mail versturenPDF document
Beschrijving van het risico 

(Bron: paragraaf 4.8 van het voorschrift Veilig werken bij rioleringsbeheer)

Bij hogedrukwaterreiniging kan drukslag (stootgevaar) optreden of kan men blootgesteld worden aan water onder hoge druk, waardoor persoonlijk letsel kan optreden. Tevens kunnen hogdrukslangen (HD-slang) uit de put losschieten, waardoor een slang onder hoge druk ongecontroleerd kan rondzwaaien met kans op letsel.
 

Overeenstemming tussen werknemers en werkgevers

Taken en verantwoordelijkheden

Printvriendelijke versieAls e-mail versturenPDF document

Doel

Het doel van dit document is het vastleggen van de taken en verantwoordelijkheden bij het uitvoeren van het veiligheidsbeleid van de organisatie. Bij het nemen van maatregelen is er specifiek aandacht voor gebrek aan taalbeheersing bij laaggeletterden en anderstaligen en voor de veiligheid van uitzendkrachten en vrijwilligers.

Welke groepen zijn er op een bedrijfsterrein?

De groepen zijn:

  1. Eigen personeel en stagiairs (vast en tijdelijk)
  2. Mensen met afstand tot de arbeidsmarkt (SROI)
  3. Uitzendkrachten
  4. Opdrachtnemers (aannemers)
  5. Vervoerders (vervoerders met VIHB registratieplicht, beroepsvervoerders en eigen vervoerders)
  6. Vrijwilligers
  7. Bezoekers (aanwezigen zonder werktaak)
Beschrijving van het risico 

Wie is verantwoordelijk voor veiligheid?

Vooraf moet worden opgemerkt dat de verantwoordelijk voor veiligheid juridisch behoorlijk gecompliceerd is. In onderstaande tekst wordt getracht in begrijpelijke taal een samenvatting van de wettelijke regels te geven. Dit betekent dat de tekst niet volledig is en nuanceringen zijn weggelaten. In de praktijk is er veel verwarring over de juiste interpretatie van de regels binnen bedrijven, al geven gerechtelijke uitspraken (jurisprudentie) veel houvast. Het verdient aanbeveling om bedrijfsjurist of externe jurist te raadplegen bij het opstellen van veiligheidsregels in het bedrijf en het houden van toezicht op de naleving ervan.

Verantwoordelijkheid werkgever

Uitgangspunt is dat iedere werkgever verantwoordelijk is voor de veiligheid van zijn eigen werknemers en van personen die onder zijn gezag werken zoals ingeleend personeel. Het afvalbedrijf (de inrichting) is verantwoordelijk voor de veiligheid en de gezondheid van de mensen die op het bedrijfsterrein komen en werken. Het gaat daarbij niet alleen om het eigen (ingehuurde) personeel en opdrachtnemers, maar ook om de veiligheid en gezondheid van bezoekende vervoerders en derden die geen werkzaamheden verrichten.

De werkgever van het afvalbedrijf is verantwoordelijk voor de veiligheid van het eigen personeel en stagiairs. Het afvalbedrijf is ook verantwoordelijk voor mensen met afstand tot de arbeidsmarkt (SROI) die als onderdeel van een aanbesteding of overeenkomst verplicht worden ingehuurd of in dienst genomen zoals bijstandgerechtigden en reïntegrerende werknemers. Dit betekent ondermeer zorg voor een veilige werkomgeving en werkplek en de veilige uitvoering van de werkzaamheden waaronder de arbeidsmiddelen en persoonlijke beschermingsmiddelen die gebruikt worden.

Opdrachtgever

Het afvalbedrijf in de rol van opdrachtgever heeft de wettelijke verplichting om bij het verstrekken van de opdracht (aanbesteding) vast te stellen welke veiligheids- en gezondheidsaspecten van belang zijn bij de uitvoering van de werkzaamheden. De inlenende werkgever (opdrachtgever) is de primair verantwoordelijke partij voor het waarborgen van de veiligheid en de gezondheid van uitzendkrachten die onder zijn toezicht en leiding arbeid verrichten, ook al heeft betrokkene een arbeidsovereenkomst met het uitzendbureau (opdrachtnemer) dat verantwoordelijk is voor het selecteren, begeleiden en inzetten van betrokkene(n) voor het werk bij de inlenende partij. Opdrachtgever kan bijvoorbeeld de verantwoordelijkheid voor het verzorgen van een algemene opleiding en het beschikbaar stellen van persoonlijke beschermingsmiddelen bij het uitzendbureau leggen mits schriftelijk overeengekomen.

Opdrachtnemer

Opdrachtnemers zijn bedrijven die voor bepaalde werkzaamheden (de opdracht) worden ingehuurd. Opdrachtnemers zijn bijvoorbeeld aannemers (contractors), onderaannemers (subcontractors), en ZZP-ers. De werknemers van een externe partij (opdrachtnemer) werken onder het gezag van de opdrachtnemende werkgever. De laatste is primair verantwoordelijk voor het borgen van de veiligheid en gezondheid van de werknemers die onder zijn gezag werken.

Hoewel ZZP-ers (zelfstandige opdrachtnemers) niet onder het gezag van de opdrachtgever vallen, geldt dat zij voor de arboregels (vrijwel) gelijk gesteld worden aan het eigen personeel, zeker als de opdracht in samenwerking met de eigen werknemers van de opdrachtgever wordt uitgevoerd.

Gezamenlijke verantwoordelijkheid

Veiligheid is een gezamenlijke verantwoordelijkheid van opdrachtgever en opdrachtnemer. Zo moet de opdrachtgever bijvoorbeeld zorgen voor een veilige werkomgeving (door risicoanalyse en adequate beheersmaatregelen) en de geldende veiligheidsregels binnen zijn inrichting in een aantoonbare afspraak (contract/overeenkomst) met de opdrachtnemer vastleggen. De opdrachtnemer is zelf verantwoordelijk voor de arbeidsmiddelen die ze meenemen en inzetten (keuringen, ontwerpeisen als machinerichtlijn, bijhorende opleidingen van zijn werknemers en het houden van toezicht). In geval van een incident zal Inspectie SZW altijd de feitelijke situatie onderzoeken en nagaan of zowel de opdrachtnemer (de werkgever van een slachtoffer) als de opdrachtgever hun verplichtingen hebben nageleefd.

Overige rollen

Als er op of buiten het bedrijfsterrein van het afvalbedrijf meerdere werkgevers leiding aan werkzaamheden geven, dan dient de opdrachtgever – dus het afvalbedrijf, altijd vooraf met de opdrachtnemer(s) af te spreken en (contractueel) vast te leggen wie voor welke veiligheidsaspecten verantwoordelijk is.

Vervoerders

Vervoerders werken niet in opdracht van afvalbedrijven, maar voeren wel werkzaamheden met en aan hun voertuig uit op diens locatie. Het afvalbedrijf dient huisregels voor de veiligheid op het bedrijfsterrein op te stellen, deze duidelijk en eenduidig kenbaar te maken en toezicht te houden op de naleving ervan. Onder huisregels vallen bijvoorbeeld verkeersregels, scheiding van zones en veiligheidssignaleringen die eenduidig en duidelijk zijn aangebracht op voor chauffeurs en bezoekers goed zichtbare plaatsen; pictogrammen hebben de voorkeur boven tekst vanwege taalbarrières. Deze groep bestaat uit vervoerders die vallen onder de registratieplicht VIHB en vervoerders die vallen onder de Wet Wegvervoer Goederen (beroepsvervoerder en eigen vervoerder).

Vrijwilligers

Soms worden vrijwilligers ingezet bij de inzameling van oudpapier. Een inzamelbedrijf is daarbij niet slechts faciliterend door het ter beschikking stellen van een inzamelvoertuig met chauffeur, maar heeft als opdrachtgever de verantwoordelijkheid voor ondermeer het verstrekken van persoonlijke beschermingsmiddelen, en de instructie bij en het houden van toezicht op de veiligheid bij de papierinzameling.

Bezoekers

Voor de veiligheid van bezoekers is het afvalbedrijf, de eigenaar of gebruiker van het bedrijfsterrein, verantwoordelijk.

Veiligheid en communicatie

Het niet voldoende begrijpen van mondelinge en schriftelijke veiligheidscommunicatie zoals regels, geboden en verboden leidt tot miscommunicatie, mogelijk met een ongeval tot gevolg. Voorbeelden van communicatie over veiligheid zijn:

  • trainingen en onderricht
  • instructies, werkoverleg en toolboxmeetings tijdens het werk
  • mondelinge instructies en veiligheidswaarschuwingen op het werk die betrokkene zelf onvoldoende kan geven aan een ander of niet goed kan begrijpen van een ander
  • veiligheidsdocumentatie zoals bedrijfsregels, terreinregels, instructiefilm, laad- en losinstructies, noodprocedure bij calamiteit/alarm/ongeval/ontruiming
  • pictogrammen zoals op waarschuwingsborden en in bedieningsfuncties
  • specifieke instructies, gebruikshandleidingen, procedures en dergelijke
  • communicatie bij een dreigend incident of calamiteit

Taaleis bij gereglementeerde beroepen

Voorbeelden van gereglementeerde beroepen zijn asbestverwijderaar, machinist mobiele bouwkraan (art. 7.32 Arbobesluit) en veiligheidskundige. Voor het uitoefenen van gereglementeerde beroepen, met name beroepen waarvoor een certificaat nodig is, geldt een wettelijke taaleis. Certificaathouders moeten de Nederlandse taal beheersen. Indien een groep samenwerkende mensen onderling in een andere taal begrijpelijk communiceert, is dat toegestaan. Ook bij functies waarin werkzaamheden met gevaarlijk afval worden verricht zoals het inzamelen van chemisch afval (bij bedrijven, de Milieustraat en chemokar), is aandacht voor voldoende taalbeheersing vereist.

Extreme weersomstandigheden

Extreme weersomstandigheden komen steeds vaker voor. Voorbeelden zijn hevige wind en windstoten met stormkracht, gladheid door sneeuw en ijzel, tropische temperaturen tijdens de zomermaanden en onweer met zware regenbuien. Het weer beïnvloedt direct het werk in de afvalbranche, maar er kunnen heel grote verschillen tussen de regio’s in Nederland optreden. Dat maakt dat het beoordelen van de lokale weersomstandigheden alleen ter plekke kan worden gedaan. De actuele weersomstandigheden per regio zijn op het internet en via de radio uitstekend te volgen, met name als er sprake is van een weeralarm.

Wet en regelgeving 
Meer informatie 
Goedgekeurd door Inspectie SZW

Struikelgevaar

Printvriendelijke versieAls e-mail versturenPDF document
Beschrijving van het risico 

Bij alle activiteiten in de branche bestaat gevaar voor struikelen en verstappen. Oorzaken zijn vaak oneffenheden, stoepranden, losse voorwerpen en slechte verlichting. Dit komt voor bij inzamelen van afval op de openbare weg. Ook op het terrein van een afvalbedrijf, stortplaats en bij rioleringsbeheer is de kans op verstappen en struikelen aanwezig.

Wet- en regelgeving 

Arbeidsomstandighedenbesluit en - regeling

  • Artikel 3.11 Arbobesluit inzake Vloeren, muren en plafonds van arbeidsplaatsen
  • Artikel 3.14 Arbobesluit inzake Verbindingenwegen
Meer informatie 
Overeenstemming tussen werknemers en werkgevers

Gevaarlijk afval (algemeen)

Printvriendelijke versieAls e-mail versturenPDF document
Beschrijving van het risico 

Inzamelen

Gevaarlijke afvalstoffen zijn bij bedrijven opgeslagen in een opslag die voldoet aan de PGS-richtlijnen bijvoorbeeld PGS 15 voor verpakte stoffen. Het afval moet uit deze opslag in het inzamelvoertuig komen. Bij deze verplaatsing kunnen gevaarlijke stoffen vrijkomen. Bij de verwerker moeten de afvalstoffen weer gelost worden uit het voertuig naar een opslag of rechtstreeks in de installatie. Ook bij deze verplaatsing kunnen gevaarlijke stoffen vrijkomen.

Milieustraat / KCA depot

Gevaarlijke afvalstoffen behoren in het KCA/KGA depot opgeslagen te zijn in een opslag die voldoet aan de PGS-richtlijnen, met name PGS 15 voor verpakte gevaarlijke stoffen. Het afval moet uit de opslag in het transportvoertuig geladen worden. Bij deze verplaatsing kunnen gevaarlijke stoffen vrijkomen.

Bewerken

Afhankelijk van de be-/verwerker worden afvalstoffen op de locatie uit de verpakkingen gehaald of verpompt. Bij een aantal processen worden ze nog verwarmd. Bij al deze processen is het mogelijk dat gevaarlijke stoffen vrijkomen waar de medewerkers aan worden blootgesteld.

Gevaarlijk afval wordt op diverse manieren bewerkt. Hierbij moet worden gedacht aan:

  • destillatie
  • chemische/fysische scheiding
  • opbulken
  • overpakken naar grotere of kleinere verpakking
  • drogen, persen, centrifugeren en dergelijke
  • verkleinen door middel van shredder

Storten

Aangeboden stortmateriaal moet voldoen aan acceptatiecriteria. Daarover worden in het algemeen voorafgaand aan aanvoer op de stortplaats afspraken gemaakt. Echter, in het aanbod kan altijd sprake zijn van onverwachte zaken die gevaarlijk of schadelijk kunnen zijn of risico’s met zich mee kunnen brengen. Hierbij gaat het voornamelijk om gevaarlijke stoffen, stofvorming en gassen en dampen.

Wet en regelgeving 
Meer informatie 

 

Overeenstemming tussen werknemers en werkgevers

Werken in kruipruimte

Printvriendelijke versieAls e-mail versturenPDF document
Beschrijving van het risico 

Een kruipruimte is een lage ruimte onder de begane grondvloer van een woning of kantoorgebouw die veelal wordt bereikt door een kruipluik. Bij de activiteit rioleringsbeheer worden kortdurende werkzaamheden aan de binnenriolering verricht, zoals bij het verhelpen van een verstopping in een PVC-leiding.

Het werken in een kruipruimte brengt specifieke risico's met zich mee. Gevaren die kunnen optreden zijn: bedwelming, beknelling, valgevaar, elektrocutie en vuile of vochtige ondergrond.

LMRA verplicht

Voordat de kruipruimte mag worden betreden moet er een LMRA (Laatste Minuut Risico Analyse) worden uitgevoerd. De medewerker ter plaatse inventariseert of er een vermoeden van een onveilige atmosfeer in de kruipruimte is. De aanwezigheid van damp, stank of een gaslucht zijn belangrijke indicatoren voor een onveilige atmosfeer in de kruipruimte. Indien er uit de LMRA een vermoeden van een onveilige atmosfeer blijkt, dan moet de procedure werken in een besloten ruimte worden gevolgd.

Belangrijk:

Er zijn specifieke maatregelen noodzakelijk bij het betreden van besloten ruimten zoals de percolaatput en trommels bij de activiteit Composteren, de gasputten bij de activiteit Storten, de ketels en tanken bij de activiteit Verbranden en de rioolstelsels en gemalen bij de activiteit Rioleringsbeheer.

Indien er uit de LMRA géén vermoeden van een onveilige atmosfeer is, dan kan de kruipruimte worden betreden zonder dat er een gasmeting wordt verricht. Wel moeten de maatregelen voor het veilig werken in een kruipruimte worden genomen.

Bij diverse bedrijven in de branche, voornamelijk bij de activiteit Milieustraat en de activiteit Bewerken, is een weegbrug aanwezig; bij betreding van de ruimte onder de weegbrug gelden dezelfde voorwaarden als bij het betreden van een kruipruimte.

Wet en regelgeving 
Meer informatie 
Overeenstemming tussen werknemers en werkgevers

Werken in de persruimte

Printvriendelijke versieAls e-mail versturenPDF document
Beschrijving van het risico 

Bij de activiteit Inzamelen van huishoudelijk en bedrijfsafval worden kraakperswagens ingezet. De persruimte van de kraakperswagen is een besloten ruimte. De persruimte van de nieuwere generatie kraakperswagens is niet te betreden.

Bij de oudere types kraakperswagen is de persruimte soms wel via een luik te betreden; betreden van de persruimte is echter niet toegestaan zonder de voorzorgsmaatregelen voor besloten ruimten.

Naast de algemene risico’s van het werken in een besloten ruimte, is het risico op zwaar lichamelijk letsel of de dood is zeer groot wanneer het persmechanisme in werking treedt.

Wet en regelgeving 
Meer informatie 
Goedgekeurd door Inspectie SZW

Gevaarlijke gassen bij vergisten

Printvriendelijke versieAls e-mail versturenPDF document
Beschrijving van het risico 

Bij vergistingsprocessen ontstaat biogas dat in hoofdzaak bestaat uit de componenenten methaan (CH4) en koolstofdioxide (CO2), en in mindere mate ammoniak (NH3) en zwavelwaterstof (H2S). Zwavelwaterstof, ook wel waterstofsulfide (H2S) genoemd, en ammoniak zijn ontvlambare, giftige gassen die ontstaan bij (na-)vergisten, maar ook voorkomen in water- en slibstromen zoals was- en spoelwater, percolaatwater en zuiveringsslib.

Hoewel vergisting plaatsvindt in gesloten systemen is enige diffuse emissie of ongewild vrijkomen van deze gassen niet altijd te vermijden. Het vrijkomen van verhoogde concentraties waterstofsulfide, ook boven de gezondheidskundige grenswaarde, is voorgekomen bij vergistingsinstallaties. De gasconcentraties worden in dat geval beperkt door te zorgen voor een goed werkende afzuiging en/of voldoende ventilatie in de bedrijfsruimte.

Wanneer biogas wordt gebruikt om met een WKK (installatie voor warmte-kracht-koppeling) elektriciteit en warmte op te wekken, gebeurt dit bij lage druk. Bij opwerking van biogas tot aardgaskwaliteit wordt het biogas gewassen en onder hoge druk gebracht zodat het via het aardgasnetwerk kan worden verdeeld. Na opwerking wordt het biogas op een druk van ongeveer 8 bar gebracht en getransporteerd naar een compressor die het biogas in het aardgasnetwerk brengt. De compressor brengt het biogas uiteindelijk op een druk van rond de 40 bar. Het explosiegevaar ligt bij biogasopwerking derhalve hoger dan bij het verstoken van biogas in een WKK.

Wet en regelgeving 
Meer informatie 
Goedgekeurd door Inspectie SZW

Bij vergisting

Printvriendelijke versieAls e-mail versturenPDF document
Beschrijving van het risico 

Bij een toenemend aantal composteringsbedrijven wordt een vergistingstap voorgeschakeld. Daarnaast zijn er ook stand-alone vergistingsinstallaties. Bij het vergistingsproces komt een gasmengsel vrij dat ontstaat als gevolg van de biologische processen. Dit gasmengsel wordt ook wel biogas genoemd en ontstaat bij de vergisting van organisch materiaal. De hoofdbestanddelen van biogas zijn methaan (CH4) en koolstofdioxide (CO2). Methaan is brandbaar waardoor bij vergistingsprocessen risico is op het ontstaan van brand en/of explosieve atmosferen.

Wet en regelgeving 
Meer informatie 
Goedgekeurd door Inspectie SZW

Bij besloten ruimten

Printvriendelijke versieAls e-mail versturenPDF document
Beschrijving van het risico 

Brand- en explosiegevaar is een belangrijk risico bij diverse activiteiten in de afvalbranche. De oorzaken en de omstandigheden waarin gevaren ontstaan, zijn zeer verschillend. De gevolgen van brand zijn beheersbaar indien deze tijdig wordt opgemerkt en bestreden. De gevolgen van een explosie zijn vaak enorm groot met aanzienlijke schade aan installaties en incidenten met een dodelijke afloop.

Bij het werken in besloten ruimtes zoals riolen waarbij explosieve en brandbare gassen kunnen voorkomen bestaat het risico van brand- en explosie gevaar. In een afvalenergiecentrale AEC bestaat er gevaar op een brand of explosie in de afvalbunker en bij de opslag van fijn verdeeld actief kool.

Wet en regelgeving 
Meer informatie 

Pagina's

Abonneren op RSS - veiligheid
randomness